Klik op de banner om naar de homepage van Dierenkliniek Wilhelminapark in Utrecht te gaan


Bloedonderzoek naar Encephalitozoon cuniculi
(E. cuniculi of E.c.) bij het konijn

We zien veel konijnen met verschijnselen die kunnen passen bij een infectie met E. cuniculi. Het probleem is dat als je dit wilt aantonen door middel van bloed of urine onderzoek het helaas niet mogelijk is een definitieve diagnose te stellen bij een levend konijn.

Hoe onderzoeken we een konijn op E. cuniculi (vanaf 2013) ....
Sinds maart 2013 gebruiken we een combinatie van antilichamen (IgM en IgG) en de PCR op antigeen in bloed en urine om tot een infectie met E. cuniculi te komen. Je toont dan een acute infectie (PCR op antigeen) aan en ook toon je een opgemerkte / reeds doorgemaakte infectie aan (antilichamen).
We zullen eerst op deze pagina uitleggen waarom we dit onderzoek zo uitvoeren:

___________________2007 - 2008_____________________________________

We hebben veel konijnen onderzocht in 2007 - 2008 ....
Tijdens een onderzoek hebben we bij konijnen met symptomen van E. cuniculi en bij gezonde konijnen (zonder verschijnselen van E.c.) bloed afgenomen en onderzocht op het voorkomen van antilichamen tegen E. cuniculi. We hebben deze bloedbuisjes beschikbaar gesteld aan een student Diergeneeskunde die het onderzoek uitvoerde bij de vakgroep Klinische Infectiologie in combinatie met het RIVM. Het idee was om te kijken of er door het aan tonen van antilichamen te zeggen was of er een infectie met E. cuniculi aanwezig was.

Wat is uit het onderzoek naar voren gekomen?
Gezonde konijnen / zonder symptomen van E.c. hebben ook een positieve bloedtiter ....

Er is getest op IgG antilichamen in het bloedserum bij het RIVM in Bilthoven. Bij de konijnen met een E. cuniculi verdenking werd er bij 70-80% van de konijnen een positieve bloedtiter gevonden. Echter er is bij 50-60% van de gezonde konijnen (zonder E. cuniculi verschijnselen) ook een verhoogde IgG bloedtiter gevonden. Interpretatie: met een positieve bloedtiter is dus niet met zekerheid een diagnose te stellen, want het komt bij konijnen zonder problemen ook vaak voor. Deze bevindingen zijn ook bij onderzoeken in de ons omringende landen gevonden!

Aan de hoogte van de antilichaam titer is geen consequentie te verbinden ....
De ernst van de klinische verschijnselen kwam helaas niet overeen met de hoogte van de gevonden antilichamen titer. Er konden negatieve of lage bloedwaardes bij een konijn met ernstige klachten (zoals heel erg tollen) gevonden worden en hele hoge bloedwaardes bij konijnen zonder verschijnselen. Ook met gepaarde sera (= meerdere bloedmonsters met weken of maanden tussentijds) kon er geen bewijs gevonden worden. We hebben konijnen gehad die in september-oktober 2007 geen verschijnselen hadden (met een hoge bloedtiter) en in het voorjaar van 2008 wel verschijnselen van E.c. hadden (met dezelfde hoge titer!).

______verder terug naar ____1986____________________________________

Bloedonderzoek naar antilchamen IgG en IgM door Kunstyr in 1986 ....
In 1986 is er een onderzoek geweest waarbij E. cuniculi sporen in het bloed bij konijnen werden ge´njecteerd. Daarna is gekeken na hoeveel tijd de IgM en de IgG antilichamen konden worden aangetoond. Er bleek na 17 dagen een stijging te zijn van IgM en IgG. De IgM bleef stijgen tot een dag of 35 en daalde daarna weer naar de nullijn. De IgG steeg vanaf 17 dagen en blijft gedurende een paar maanden hoog waarna het langzaam weer wegzakt. Na 35 dagen worden er ook gedurende een paar weken sporen in de urine uitgescheiden.

Er werden bij deze konijnen geen klinisch waarneembare verschijnselen gezien. Aan de hand van dit onderzoek zou je dus denken dat je een diagnose kunt stellen door gepaarde sera te vergelijken. Gepaarde sera wil zeggen 2 bloedonderzoeken met een week of 3-4 er tussen.

Bloed grafiekwaarde van IgM en IgG na injectie met E. cuniculi protozoen intraveneus

Dit is een onderzoek dat ons als dierenarts zou kunnen helpen om een diagnose te stellen ....
Het idee is dat we deze twee soorten antilichamen kunnen gebruiken om aan te tonen of er een actieve of chronische infectie aanwezig is. Anders gezegd of we aan het begin van de infectie in het acute stadium zitten.
- IgM is een aanwijzing voor een actieve of acute infectie => komt alleen op in het begin van de infectie.
- IgG is een aanwijzing dat de infectie aan het begin of al langere tijd aanwezig (= chronisch) is.

Waar laten we het bloedonderzoek uitvoeren ....
Deze laten we uitvoeren bij het EVL in Woerden, deze kunnen IgM en IgG meten. Alternatieven zijn het Idexx vetmedlaboratorium of het Radboud ziekenhuis in Nijmegen, echter deze laatste twee meten alleen IgG.

Het klinkt als een goede manier om te screenen op een acute of chronische infectie, maar helaas vinden we nooit of bijna nooit een stijging van de IgM ....

Het uitvoeren van bloedonderzoek is naar ons idee op deze manier niet te gebruiken! Je kunt met het aantonen van antilichamen geen conclusies trekken. We hebben konijnen gehad waarbij we 100% zeker waren dat er E. cuniculi speelde maar we konden dit niet aan tonen met een positieve antilichaam titer.

_________________________2013_____________________________________

Nieuwe manier van bloedonderzoek wat betreft E. cuniculi in 2013 ....
We hebben het idee uitgewerkt en we hebben een nieuwe manier van bloedonderzoek gecombineerd met urineonderzoek naar E. cuniculi bedacht.

Het is een combinatie van het onderzoek naar de vorming van antilichamen (IgM en IgG) en het onderzoek naar antigeen in het bloed en de urine.

  • Antilichaam onderzoek (IgM / IgG):
    Dan wordt er gekeken of het lichaam de E. cuniculi heeft opgemerkt en er antistoffen = antilichamen tegen heeft aangemaakt.
  • Antigeen onderzoek in het bloed:
    Gekeken wordt of de E. cuniculi protozo op dat moment in het bloed aanwezig is.
  • Antigeen onderzoek in de urine: Gekeken wordt of de E. cuniculi protozo op dat moment in de urine aanwezig is. Dit is ook van belang of een konijn op dat moment besmettelijk is voor zijn/haar hokgenoten.

    Eigenlijk zouden we het liefst gepaarde sera gebruiken dus 2 of 3 onderzoeken met steeds 3-4 weken er tussen. We laten het bloed en de urine testen bij het EVL in Woerden.

    Antilichamen IgM en IgG ....
    Er werd altijd getest op antilichamen als er onderzoek werd gedaan naar E. cuniculi. We hebben het afgelopen jaren aangetoond dat er bij diverse konijnen geen antilichamen aangemaakt worden, simpel gezegd omdat het lichaam van het konijn de E. cuniculi sporen niet opmerkt. Als het auto immuun systeem een vreemd voorwerp of antigeen niet opmerkt dan kan het er ook geen antilichamen (IgM en IgG) tegen aanmaken.

    In de literatuur wordt de laatste jaren vooral het gebruik van IgM gepromoot, maar wij zien eigenlijk nooit een stijging in het IgM en dit onderzoek is derhalve niet bruikbaar om daarmee een acute infectie aan te tonen!

    PCR op antigeen in bloed en urine ....
    We laten het bloed (EDTA) en de urine van het konijn onderzoeken op het aanwezig zijn van E. cuniculi sporen. Dit geeft aan dat het konijn op dat moment ge´nfecteerd is met E. cuniculi.
    In de urine wordt het intermitterend uitgescheiden, dat wil zeggen er zijn periodes dat het niet uitgescheiden wordt en wel uitgescheiden wordt. Vaak vinden we alleen antigeen in het bloed, maar soms ook alleen in de urine. De PCR test is heel gevoelig, als er ook maar een beetje antigeen in het bloed of de urine aanwezig is dan kan deze test het vinden.

    Een mooi voorbeeld ....
    We nemen als voorbeeld Willie, een konijn met sterke E. cuniculi verdenking omdat er een torticollis en zelfs tollen en rollen aanwezig is. We hebben bij Willie in de eerste maanden 4x een bloedonderzoek uitgevoerd. Bij al deze keren was er geen stijging van de antilichamen (IgM en IgG) maar er was wel een positieve PCR op antigenen = bewijs dat WIllie E. cuniculi sporen in zijn lichaam had.

    Gepaarde sera ....
    We adviseren om gebruik te maken van gepaarde sera, dat wil zeggen meerdere bloedonderzoeken met 3-4 weken er tussen. Dit zegt namelijk wat over het wel of niet opgemerkt worden van een infectie door het immuunsysteem van een konijn.

    Willie is genezen met medicijnen (waaronder Dexamethason, Vitamine B en langdurig Fenbendazol en Metacam). Zijn hoofd was weer recht en hij viel niet meer om. Na 1,5 jaar kwam hij met gebitsproblemen en hebben we opnieuw bloed en urine na laten kijken. Het bloed werd nog steeds positief op antigenen getest en nu was er voor het eerst een stijging van antilichamen (IgG) te zien!

    Bloed op E. cuniculi protozoen bij Willie gedurende 1,5 jaar

    Een IgM of IgG van 30 is negatief, boven de 100 is positief ....

    Een negatieve IgM - IgG test is geen bewijs dat een konijn geen E.c heeft !

    E. cuniculi kan onzichtbaar aanwezig zijn: IgM en IgG worden negatief getest ....
    We durven te stellen dat E. cuniculi in een lichaam aanwezig kan zijn zonder dat het opgemerkt wordt. Pas als er antilichamen aangemaakt worden dan kunnen de sporen (antigenen) opgeruimd worden door het auto immuun systeem. E. cuniculi is al duizenden jaren aanwezig, ze zijn in mummies in Egypte aangetoond. Dit kan alleen maar als ze het immuunsysteem = opruimsysteem kunnen ontwijken of voor de gek houden als ziek makend organisme.
    Het is aannemelijk dat er heel veel konijnen besmet zijn, zelfs meer dan de 50-60 % van de gezonde konijnen waarbij we in ons onderzoek in 2007 - 2008 antilichamen tegen E.c. vonden!

    Brownie reageert zoals het hoort: aantoonbaar antigeen en stijging van antilichamen ....
    Bij Brownie was er eerst wel antigeen aantoonbaar, later na een behandeling met Fenbendazol is er geen antigeen meer gevonden en de IgG antilichamen zijn gestegen. Het immuun systeem werkt goed bij Brownie het heeft de sporen (antigeen) opgemerkt. Er is een acute infectie de sporen zijn aanwezig.

    Bloed op E. cuniculi protozoen bij Brownie die een torticollis had, er werd gebruik gemaakt van gepaarde serar

    Waarom ook antigeen in urine testen?
    We raden aan om antilichamen (IgM en IgG) en bloed en urine op antigeen te testen. Zie hieronder bij Woppy. Er is een acute infectie want er worden sporen = positieve antigenen in de urine getest. Het antigeen in het bloed werd echter niet positief getest, daarom raden we aan om het in het bloed en in de urine te testen!
    Cave 1: in de urine wordt de E. cuniculi spore niet continu uitgescheiden!
    Cave 2: als de urine positief getest is en het konijn krijgt geen Fenbendazol dan kan het dus de omgeving besmetten met sporen!

    Bloed op E. cuniculi protozoen bij Woppy die afgevallen was en achterhandslapte had

    Bij het onderstaande konijn met urinebrand werd een positieve antilichaam reactie (IgG) gevonden en antigenen in het bloed.

    Bloed op E. cuniculi protozoen bij Sabientje die urinebrand had

    E. cuniculi aantonen is geen bewijs van een infectie ....
    Ook al toon je aan dat er antigeen en/of antilichamen tegen E. cuniculi in een konijn met symptomen aanwezig zijn, dan is dit nog geen definitief bewijs dat de E. cuniculi verantwoordelijk is voor de symptomen. Pas als je alle andere oorzaken hebt uitgesloten en E. cuniculi overblijft dan kun je pas als waarschijnlijkheids diagnose stellen dat er E. cuniculi is.

    Er wordt in de literatuur gesteld dat door middel van post mortaal onderzoek (= bij een dood konijn) een definitieve diagnose te stellen is, maar ook daar zie je vaak alleen granulomateuze ontstekingen die kunnen wijzen op een infectie met E. cuniculi. De sporen van de E. cuniculi zijn namelijk allang verdwenen uit de infectie haard ....

    Bloed op E. cuniculi protozoen bij Marije die een achterhannd verlamming had

    Samenvattend ....

  • Een positieve antilichamen bloedtiter kan aanwezig zijn zonder dat het konijn ziek is.
  • Een negatieve antilichamen bloedtiter is geen bewijs dat het konijn geen E.c. heeft.
  • Als er antigenen = sporen aangetoond worden dan is er een besmetting met E. cuniculi.
  • Bloedonderzoek op antilichamen (IgM en IgG) moet worden gecombineerd met Bloed- en urineonderzoek op antigeen.

    Naschrift ....
    Het is lastig om dit onderzoek onder woorden te brengen en we hopen dat we wat hebben kunnen toelichten. Mocht u vragen hebben over het bloedonderzoek dan kunt u die naar ons sturen per email.

    E. cuniculi verschijnselen ....
    We krijgen vaak patiŰnten met E. cuniculi verschijnselen in onze praktijk aangeboden. Deze symptomen uiten zich als volgt:

      5 hoofdsymptomen: echter mengvormen kunnen voorkomen.
    • 1. Hersenproblemen: nystagmus, scheve kop of tollen om de lengteas
    • 2. Achterhandsproblemen: slappe of verlamde achterpoten
    • 3. Blaas- of nierproblemen: urine lekken en/of veel drinken en plassen
    • 4. Oogproblemen zoals lensverkleuringen, cataract of uveitis, verdikkingen in het oog
    • 5. Vermageren zonder aanwijsbare oorzaak

    Lees verder over torticollis en andere kopzorgen ....

    Lees verder over achterhandsproblemen ....

    Lees verder over blaas- en nierproblemen ....

    Lees verder over oogproblemen ....

    _________________________________________________________________________________

    NB: Er zijn bijna geen geregistreerde diergeneesmiddelen voor konijnen. De hierboven beschreven diergeneesmiddelen zijn geregistreerd voor het gebruik bij de hond of de kat.

    Indien we als behandelend dierenarts denken dat er een diergeneeskundige noodzaak aanwezig is dan mogen we via de cascades behorend bij het Diergeneesmiddelenbesluit en de Diergeneesmiddelenregeling gebruik maken van de hierboven beschreven diergeneesmiddelen bij het konijn.

    Lees verder over deze cascade volgens EU model ....




  • We zijn ons ervan bewust dat we met frames werken en dat u mogelijk op een aparte website pagina terecht bent gekomen, maar u kunt zo weer naar ons terug, klik gewoon op 1 van de afbeeldingen hieronder ....

    Klik hier naar onze homepage te gaan Klik hier om naar onze tandheelkundige site www.dierengebit.nl te gaan

    Klik hier om naar onze mobiele of light website te gaan, ideaal om even snel openingstijden en spreekuurtijden te vinden Klik hier naar onze youtube pagina te gaan

    Klik hier om naar onze facebook pagina te gaan